Ondertussen is de ramadan alweer een dag begonnen. Dit is een periode die binnen de Islam een belangrijke plek inneemt. Door een maand lang te vasten proberen moslims wereldwijd zichzelf los te vechten van begeerten en lusten en samen te zijn met familie en vrienden. Ook is het gebruikelijk om in deze tijd om te kijken naar degene die het minder hebben, bijvoorbeeld iemand die arm of ziek is.

Zelf ben ik niet islamitisch, maar toch heb ik diep respect voor het doorzettingsvermogen en het oog voor anderen dat ik terugzie in de ramadan. Heel anders is dat voor het extreemrechtse Pegida, een organisatie die zich als doel heeft gesteld om de islam  de kop in te drukken. Nu ongeveer een week geleden kondigde de organisatie aan om tijdens de ramadan voor vijf verschillende moskeeën te gaan barbecueën, dat klinkt heel gezellig maar op het menu staat enkel varkensvlees. Varkensvlees wordt binnen de islam als onrein gezien, daarom is de actie van Pegida in mijn ogen respectloos en provocerend.

Bij het lezen van een artikel over deze gebeurtenis ging er van alles door mijn hoofd, maar bovenal hoe kun je zo respectloos zijn tegenover iets dat voor een ander zo belangrijk is. Zelf heb ik weinig tot geen slechte ervaringen met de islam. De volgende gebeurtenis is daar een sprekend voorbeeld van:

Dodenherdenking

Het was 5 mei, de dag waarop wij hen herdenken die gestorven zijn voor onze vrijheid. Tijdens de herdenking die plaatsvond bij de Antoniuskerk in Lombok werden verschillende verhalen verteld. Zoals gebruikelijk werden er bijzondere verhalen verteld over Nederlandse verzetshelden die zich ten tijde van de Tweede Wereldoorlog in hebben gezet voor onze vrijheid.

Wat mij erg opviel was de afvaardiging van de Assoenna moskee, gelegen bij het Majellapark. Tijdens de herdenking vertelde een van de mannen over de heldhaftige rol die de Marokkaanse koning Mohammed de vijfde had gespeeld door niet in zee te gaan met het nazibewind van Adolf Hitler. Hij gunde zijn Joodse burgers dezelfde vrijheid die hij ieder ander zou gunnen. Een bijzonder verhaal, vooral omdat tot op dat punt de rol van Marokko in de Tweede Wereldoorlog voor mij onbekend was.

Toen we met een massale stoet richting het oorlogsmonument bij de Jaffa-fabriek, ook in Lombok, liepen merkte ik een gevoel van eenheid. Het was daar dat een man van joodse afkomst een verhaal vertelde over een aantal verzetshelden die vanuit de fabriek actief waren geweest.

Eenheidsgevoel

Van de uitnodiging om na de herdenking af te sluiten met een kop thee bij de Assoenna moskee maakte ik dankbaar gebruik. Aldaar raakte ik in gesprek met Hussein, een vriendelijke man, die mij na enkele woorden al uitnodigde voor de maaltijden die daar tijdens de ramadan georganiseerd worden. Al ben ik zelf geen moslim vind ik dat een bijzonder gebaar. Dit is dan misschien niet ‘mijn’ traditie, gebruik, of hoe je het ook wil noemen. Het lijkt me fantastisch om deel te nemen aan ‘hun’ tradities.

Angst voor het onbekende

In mijn optiek is het gezegde onbekend maakt onbemind eigenlijk op iedereen wel van toepassing en ik begrijp dat volkomen. Zelf heb ik geen vervelende ervaringen met de islam, maar ik kan me voorstellen dat anderen dat wel hebben.

Als je die vervelende ervaring hebt gehad met een geloof, groep of organisatie is het ontzettend makkelijk om je fel te hen af te zetten. Lelijke dingen op Facebook zetten of meedoen aan een protestactie geven je misschien het gevoel dat je vrede kunt sluiten met de vervelende ervaring die je hebt gehad, maar dat is tijdelijk.

In gesprek gaan met elkaar en je verdiepen in elkaars gebruiken, dat werkt door op de lange termijn. Ga eens langs bij een moskee, synagoge of kerk. Dat lijkt misschien een grote stap, maar hé wie zichzelf overwint is sterker dan wie een stad inneemt.