Het verbinden en activeren van mensen op een unieke en creatieve manier. Dat is wat Pim en Shay, de organisatoren met de Voorkamer willen bereiken. Wat begon als een studentenproject hebben de twee tot een succes gemaakt, midden in Lombok. 

De avond begint te vallen en deuren van de Voorkamer staan open. Langzaam aan begint de ruimte – die iets weg heeft van een klaslokaal – zich te vullen met mensen van verschillende leeftijden en aan hun huidskleur en taal op te merken, verschillende afkomst.
Met een vriendelijke lach en een uitgestoken hand lopen ze elkaar tegenmoet. Sommige kennen elkaar al, te zien aan hun gebaren, want ze verstaan kan ik niet.

Dat is precies wat Pim en Shay voor ogen hadden. Samen met een team vrijwilligers dagelijks, wekelijks of eenmalige evenementen organiseren waarbij er een sterkere maatschappij wordt gecreëerd. De evenementen worden georganiseerd vanuit een reactie op het feit dat asielzoekerscentra meestal afgesloten instellingen zijn, waardoor de mensen die daar zitten moeilijk in contact komen met de buitenwereld en andersom. Anderzijds worden vluchtelingen vaak gezien als een groep, terwijl volgens de organisatoren de vluchtelingen gezien moeten worden als individuen. Niet alleen asielzoekers en vluchtelingen kunnen terecht bij de Voorkamer, ook voor statushouders kan het een steuntje in de rug bieden. Het kan namelijk best moeilijk zijn om in een totaal nieuwe omgeving aansluiting te vinden in de maatschappij. Door het bijwonen van deze evenementen zoals de spellenavond Straffe Koffie, krijgen mensen meer sociale contacten en worden mensen ondernemender.

Al snel komt een meisje met donker golvend haar naar mij toe gelopen en stelt zich voor. Aziza is haar naam en ze is 21 jaar oud. “Ben je nieuw hier?” Vraagt ze in het Nederlands met een accent. Aziza is namelijk 5 jaar geleden vanuit Syrië naar Nederland gekomen. “Leuk dat je er bent! Ik woon in Rotterdam maar speciaal voor avonden als deze in de Voorkamer kom ik naar Utrecht. Ik ken hier al een aantal mensen, dat maakt het erg gezellig. Op deze manier leren wij, Arabisch sprekende mensen Nederlands en vice versa”.

Aziza, 21 jaar en is vaak aanwezig tijde evenementen van de Voorkamer
Foto: Manon Broers

Al snel begint de ruimte steeds voller te raken en voelen de mensen die er zijn zich duidelijk thuis. Op vrolijke arabische muziek beginnen de eerste mensen met hun heupen te wiegen en beginnen omstanders te klappen. Organisator Pim vraagt na een minuut of 5 of iedereen plek kan nemen aan een tafel zodat we met de spellen kunnen beginnen.
Er is een tafel waar het spel Jenga kan worden gespeeld, een tafel waar er gesjoeld kan worden, een tafel waar er gekaart kan worden en nog veel meer. Zelf kom ik aan een tafel te zitten waar ik samen met Mohammed (21), Obaida (20) en Farah (20) Rummikub mag spelen. Farah loopt al anderhalf jaar stage bij de Voorkamer en kent iedereen. Ze is van Marokkaanse afkomst maar woont al haar hele leven in Lombok. Als ik haar uitleg dat ik het spannend vind vanwege het feit dat ik de Arabische taal die iedereen spreekt niet kan verstaan, begrijpt ze dat helemaal. “Oh, dat geeft helemaal niks joh! Ik spreek de taal ook niet goed.” Bij Mohammed en Obaida is dat anders.

Straffe Koffie in volle gang
Foto: Manon Broers

Obaida is nu 3 jaar gelden vanuit Syrië naar Nederland gekomen. In beginnend Nederlands vertelt hij mij dat hij meestal op dinsdag naar Het Taalcafe komt, dat ook hier in de Voorkamer wordt georganiseerd. Daar kan hij de Nederlandse taal oefenen. Soms komt hij ook op maandag naar het Arabisch Taacafe, zodat Nederlandse mensen van hem Arabisch kunnen leren. Deze keer maakt hij een uitzondering om naar Straffe Koffie te komen, omdat hij zo van spelletjes houdt. Dat Obaida nog moeite heeft met de taal blijkt niet alleen uit het gesprek dat we met handen en voeten voeren, maar ook uit de Rummikub stenen. Af en toe vergist hij zich en legt hij de stenen ondersteboven of van hoog naar laag. We lachen er samen om.

Obaida, 20 jaar en is 3 jaar geleden vanuit Syrië naar Nederland gekomen.
Foto: Manon Broers

Omdat het zulk lekker weer is en de temperatuur om 9 uur nog steeds aangenaam is, besluit Pim om met de hele groep naar het park te gaan. Als uitgelaten honden lopen we in een stoet naar het Majellapark. Bij aankomst gaan er mensen zitten om te kletsen en gaat er een groep frisbee-en ook is er een groepje mensen dat voorzichtig in het Arabisch begint te zingen. Iedereen doet zijn eigen ding en ik kijk toe. Op dat moment komt Louis (55) naar mij toe. “Volgens mij ken ik jou nog niet.” Na dat we onszelf hebben voorgesteld vertelt hij: “Ik ben Louis en ik ben de afgelopen maanden bezig geweest met het helpen organiseren van de evenementen in de Voorkamer. Los van het zorgen voor het welkom heten van de nieuwkomers en het organiseren van evenementen, zorgen wij er ook voor dat mensen op de juiste plek terechtkomen. Het is vaak zo dat mensen die hier in Nederland komen wonen allemaal dromen en ambities hebben, maar niet weten hoe ze dit aan moeten pakken. Daar bieden wij ze ook hulp in. Naast het werk bij de Voorkamer werk ik ook nog bij de GGZ, als daar mensen komen waarvan ik merk dat ze zich bij de Voorkamer thuis zouden voelen vraag ik ze om langs te komen. Zo blijft de Voorkamer voortdurend groeien.”

Louis, 55 jaar oud en mede-organisator van de evenementen van de Voorkamer.
Foto: Manon Broers